Eclipse CD5425E Bedienungsanleitung
Eclipse
Navigation
CD5425E
Lesen Sie kostenlos die 📖 deutsche Bedienungsanleitung für Eclipse CD5425E (96 Seiten) in der Kategorie Navigation. Dieser Bedienungsanleitung war für 40 Personen hilfreich und wurde von 2 Benutzern mit durchschnittlich 4.5 Sternen bewertet
Seite 1/96


318
Introductie
Voor uw veiligheid bij het gebruik van de CD5425E
zijn er waarschuwingssignalen in deze gebruiksaanwijzing en op de CD5425E gedrukt, zoals hieronder
afgebeeld. Zij tonen hoe veilig en correct met het product dient te worden omgegaan om persoonlijk
letsel en materiële schade te voorkomen.
Alvorens het handboek door te lezen wordt u verzocht de belangrijke informatie in dit gedeelte goed
door te lezen en eigen te maken.
Lees alle documenten door die meegeleverd zijn met het product, zoals handboeken en
garantiebewijzen.
Eclipse is niet aansprakelijk voor tekortkomingen aan het product als gevolg van het niet opvolgen van
deze aanwijzingen.
Dit symbool duidt op situaties waarin het verkeerd omgaan
met het toestel, of het veronachtzamen van het symbool,
dood of zwaar persoonlijk letsel kunnen veroorzaken.
Dit symbool duidt op situaties waarin het onjuist omgaan
met het toestel of het veronachtzamen van het symbool
persoonlijk letsel of materiële schade kunnen veroorzaken.
WAARSCHUWING
●Wijzig niets aan dit toestel behalve voor toepassingen die in dit boekje staan beschreven.
Wijk ook niet af van de inbouwprocedures die hierin staan beschreven; Eclipse is niet
aansprakelijk voor schade, met inbegrip van, maar niet beperkt tot ernstig letsel, overlijden
of materiële schade als gevolg van installatie die incorrect bedrijf mogelijk maakt.
●Deze apparatuur werkt met 12 Volt gelijkspanning en mag alleen in een voertuig worden
geïnstalleerd met een elektrisch systeem met 12 Volt negatieve aarde. Installatie in andere
systemen kan brand of andere ernstige schade aan de apparatuur en het voertuig
veroorzaken.
●Sommige apparaten bevatten batterijen. Installeer apparatuur dusdanig dat kinderen niet
aan de batterijen kunnen komen. Mocht er een batterij ingeslikt worden, direct medische
hulp zoeken.
●Let op het verkeer als u autorijdt; laat u niet afleiden door het bedienen van de apparatuur.
Om ongevallen te voorkomen dient u op het verkeer te letten; het bedienen van de
apparaten mag er niet toe leiden dat u onvoorzichtig autorijdt.
●Kijk onder het rijden niet naar het display. Onoplettendheid in het verkeer leidt tot
ongevallen.
●Steek geen vreemde voorwerpen in de gleuf van de CD-speler. Dit kan brand of elektrische
schokken veroorzaken.
●Demonteer of wijzig dit toestel niet. Dit kan brand of elektrische schokken veroorzaken.
●Let erop dat er geen water, stof of vreemde voorwerpen in de apparaten kunnen komen. Dit
kan brand of elektrische schok veroorzaken.
●Let op waar u de afstandsbediening opbergt. Er kunnen ongevallen ontstaan of problemen
bij het rijden als de afstandsbediening onder de voetpedalen e.d. komt, als de auto
plotseling stopt of om de bocht rijdt.
Waarschuwing
Let op!

Voor uw veiligheid bij het gebruik van de CD5425E
319
WAARSCHUWING
●Gebruik het toestel niet als het defect is (display blijft donker of geen geluid). Dit kan brand
of elektrische schokken veroorzaken.
●Vervang zekeringen altijd door nieuwe zekeringen met dezelfde capaciteit en kenmerken.
Gebruik nooit een zekering met een hogere capaciteit. Een verkeerd type zekering kan
brand of ernstige schade veroorzaken.
●Als er vreemde voorwerpen of water in het toestel zijn gekomen of wanneer er rook of een
vreemde geur uit het toestel komt, zet het dan meteen uit en neem contact op met uw
dealer. Er kunnen ongevallen, brand of elektrische schokken ontstaan als het apparaat in
deze toestand verder wordt gebruikt.
●Wissel onder het rijden de CD niet. Omdat het tot ongevallen kan leiden als u niet op het
verkeer let, dient u de auto altijd eerst veilig te parkeren om dit te doen.
●Plastic zakken en folies kunnen verstikking en dood veroorzaken. Van kinderen en baby's
verwijderd houden. Trek nooit een plastic zak over hoofd of mond.
LET OP!
●Als u een andere inbouwplaats voor deze apparatuur wilt, raadpleeg dan uit
veiligheidsoverwegingen eerst de dealer. De demontage en montage van de unit vereisen
vakkundigheid.
●Zet de unit niet te hard om de geluiden van buiten de auto te kunnen blijven horen, zoals
waarschuwingsgeluiden, stemmen en sirenes. Indien dit niet wordt opgevolgd kunnen er
ongelukken gebeuren.
●Pas op dat handen en vingers niet door het aanpassen van de schuine stand of het
dichtklappen van het display beklemd raken. Gevaar van letsel.
●Steek handen of vingers niet in de gleuf van de CD-speler. Gevaar van letsel.
●Raak de warmteopnemer van de versterker niet aan. Dit kan brandwonden veroorzaken.
●Gewone batterijen niet opladen! Deze batterijen kunnen openbarsten en letsel veroorzaken.
●Gebruik alleen batterijen die aan de specificaties voldoen. Meng ook geen oude en nieuwe
batterijen. Er kan letsel en milieuverontreiniging ontstaan door openbarstende en lekkende
batterijen.
●Let op de polariteit van de batterijen (positief / negatief) bij het inzetten ervan. Bij verkeerde
polariteit kan er letsel en milieuvervuiling ontstaan als gevolg van openbarstende en
lekkende batterijen.
●Vervang lege batterijen zo snel mogelijk; zij kunnen lekken en de apparatuur beschadigen.
Lekkende batterijen kunnen huid en ogen schaden. Was uw handen na het hanteren.
●Als er vloeistof uit de alkalische batterijen met de huid of de kleding in aanraking komt,
deze met schoon water afspoelen. Als er batterijvloeistof in uw ogen komt, meteen met
schoon water spoelen en medische hulp raadplegen.
●Breng lithium batterijen naar de recycling volgens de lokale wetgeving, nadat u een stukje
isolatieband op de positieve en negatieve pool heeft geplakt. Er kan kortsluiting ontstaan
als de batterijen bij het weggooien in contact komen met andere geleidende objecten, zoals
metalen delen, enz.
●Sluit batterijen nooit kort, neem ze niet uit elkaar, verwarm ze niet en gooi ze niet in vuur of
water. Lekkende of openbarstende batterijen kunnen brand en letsel veroorzaken.
I

320
Introductie
LET OP!
●Berg de afstandsbediening op waar hij niet aan direct zonlicht, hoge temperaturen en
vochtigheid is blootgesteld. De behuizing kan vervormen en de batterijen kunnen
openbarsten en lekken.
●Monteer deze apparatuur alleen in voertuigen. Montage op andere plaatsen kan letsel of
elektrische schokken tot gevolg hebben.
●Let op de instelling van de volumeknop als u de "ON" knop bedient. Er kan
gehoorbeschadiging ontstaan als de unit zeer hard staat wanneer hij wordt aangezet.
●Bedien de unit niet bij abnormale verschijnselen, zoals wanneer het geluid vervormd of
onderbroken klinkt. Er kan brand ontstaan.
●Deze apparatuur maakt gebruik van onzichtbaar laserlicht. Demonteer of wijzig dit toestel
niet. Bij problemen de dealer contacteren waar u de apparatuur heeft gekocht.
Wijzigingen aan de apparatuur kan blootstelling aan laserlicht (schade aan het
gezichtsvermogen) of ongevallen, brand en elektrische schokken tot gevolg hebben.
●Als de apparatuur gevallen of het front beschadigd is, schakel dan de voeding naar de
hoofdunit uit en contacteer de dealer. Gebruik van de unit in deze toestand kan brand of
elektrische schokken veroorzaken.
●CLASS 1 LASER PRODUCT-label plakt bovenop de unit.

321
Inhoudsopgave
Inhoudsopgave
Inhoudsopgave
InhoudsopgaveInhoudsopgave
Voor uw veiligheid bij het gebruik van de CD5425E ..........................318
Voorzorgsmaatregelen ............................................................. 326
Benaming van bedieningstoetsen en onderdelen ................. 327
Bediening van de CD-speler .................................................... 331
Bediening van de MP3-speler ..................................................336
Bediening van de tuner ............................................................ 342
Gebruik van de optionele afstandsbediening ........................ 350
ESN bedieningsprocedure beveiliging ................................... 355
Frontpaneel verwijderen ..........................................................359
Bediening van de AUDIO CONTROL ....................................... 360
Bediening van de klankaanpassingsmodus .......................... 363
Het displaycontrast instellen ................................................... 367
Instellingen wijzigen met de Function modus ....................... 368
Bediening van de receiver als er een optionele CD-wisselaar is aangesloten
..........370
Andere ........................................................................................ 373
Bij vragen: ................................................................................. 375
Specificaties .............................................................................. 379
XVI
I
II
III
IV
V
VI
VII
VIII
IX
X
XI
XII
XIII
XIV
XV
XVII

322
Inhoudsopgave
Inhoudsopgave
Inhoudsopgave
InhoudsopgaveInhoudsopgave
Voor uw veiligheid bij het gebruik van de CD5425E....................... 318
Voorzorgsmaatregelen ...................................................................... 326
Tips voor de bediening ............................................................................................... 326
Benaming van bedieningstoetsen en onderdelen .......................... 327
De voeding aan- en uitzetten...................................................................................... 329
Bediening van de CD-speler ............................................................. 331
Over compact discs .................................................................................................... 331
Over nieuwe CD's ................................................................................................ 331
Over CD accessoires ........................................................................................... 332
Over geleende CD's ............................................................................................. 332
Hoe CD's te verwijderen....................................................................................... 332
Over CD’s met een onregelmatige vorm.............................................................. 332
Over het schoonmaken van een CD .......................................................................... 332
Naar CD luisteren....................................................................................................... 333
In de CD-afspeelmodus wisselen ............................................................................... 333
Vooruit naar de volgende track (bestand) of terug naar het begin van de track
(bestand) die speelt .................................................................................................. 333
Fast Forward/Rewind ................................................................................................. 334
Het begin van de bestanden afspelen (SCAN)........................................................... 334
Dezelfde track herhalen (REPEAT)............................................................................ 334
Tracks in willekeurige volgorde afspelen (RANDOM) ................................................ 334
CD tekst weergeven ................................................................................................... 335
De CD uitwerpen ........................................................................................................ 335
Bediening van de MP3-speler ........................................................... 336
Over MP3 ................................................................................................................... 336
Wat is MP3?......................................................................................................... 336
Afspeelbare MP3 standaards............................................................................... 336
ID3 tag.................................................................................................................. 336
Media ................................................................................................................... 336
Formaat van CD's ................................................................................................ 337
Bestandsnamen ................................................................................................... 337
Multi-sessions ...................................................................................................... 337
Afspelen van MP3's.............................................................................................. 338
MP3-afspeeltijdweergave..................................................................................... 338
Weergegeven volgorde van MP3-bestandsnamen .............................................. 338

Inhoudsopgave
323
Naar MP3-bestanden luisteren................................................................................... 339
Naar de volgende track (bestand) of terug naar het begin van de track (bestand)
die speelt .................................................................................................................. 339
Naar de volgende of vorige map springen.................................................................. 340
Fast Forward/Rewind ................................................................................................. 340
Terug naar de hoofddirectory van de CD ................................................................... 340
Het begin van de bestanden afspelen (SCAN)........................................................... 340
Hetzelfde bestand (REPEAT)..................................................................................... 340
Bestanden in toevallige volgorde afspelen (RANDOM).............................................. 341
Titelweergave ............................................................................................................. 341
Bediening van de tuner ..................................................................... 342
FM ontvangstkenmerken ............................................................................................ 342
FM ontvangst is anders dan AM .......................................................................... 342
Neemt af............................................................................................................... 342
Het ontvangstgebied van FM zenders ................................................................. 343
Multipath............................................................................................................... 343
Afstemmen op een zender ......................................................................................... 344
Automatische zenderinvoer (De automatische voorkeuzemodus: ASM) ................... 344
Handmatig zenders opslaan....................................................................................... 345
Voorkeuzezenders aftasten........................................................................................ 345
De ontvangstgevoeligheid van het automatisch scannen .......................................... 346
RDS data ontvangen .................................................................................................. 346
AF (alternatieve frequentie) instellen ................................................................... 346
REG (REGIONAAL) instelling .............................................................................. 346
Verkeersinformatie ontvangen.................................................................................... 347
Het TP (traffic program - verkeersprogramma)/TA (traffic announcement
- verkeersbericht) instellen ................................................................................. 347
PTY (programmatype) instellen.................................................................................. 348
PTY SEEK instellen ............................................................................................. 349
Gebruik van de optionele afstandsbediening ................................. 350
Voorzorgsmaatregelen voor het gebruik van de afstandsbediening .......................... 350
De afstandsbediening reinigen................................................................................... 350
De voeding aan- en uitzetten...................................................................................... 351
Het volume aanpassen............................................................................................... 351
Het volume uitzetten (mute) ................................................................................. 351
Afspeelmodussen wisselen ........................................................................................ 351
Bediening van de tuner............................................................................................... 351
Kies de FM/AM band............................................................................................ 351
Een station kiezen (handmatig of automatisch) ................................................... 352
Voorkeuzenders selecteren ................................................................................. 352

324
Inhoudsopgave
CD's afspelen ............................................................................................................. 352
Diskmodussen wisselen....................................................................................... 352
Vooruit naar de volgende track (bestand) of terug naar het begin van de
track (bestand) die speelt................................................................................... 352
Naar de volgende of vorige disk springen............................................................ 352
MP3's afspelen ........................................................................................................... 353
Diskmodussen wisselen....................................................................................... 353
Vooruit naar de volgende track (bestand) of terug naar het begin van de track
(bestand) die speelt............................................................................................ 353
Naar de volgende of vorige map springen ........................................................... 353
De batterij vervangen ................................................................................................. 354
ESN bedieningsprocedure beveiliging ............................................ 355
Over ESN ................................................................................................................... 355
Gebruik van de ESN (Key CD) beveiliging ................................................................. 355
Programmeren van de Key-CD te programmeren ............................................... 355
Hoe de Key-CD te wissen.................................................................................... 356
De Key-CD programmeren .................................................................................. 356
Hoe terug te gaan naar normale bediening (ESN beveiliging uit) ........................ 357
Wat gebeurt er als er een verkeerde CD ingebracht is? ...................................... 357
Het aan-/uitzetten van de beveiligingsindicator .......................................................... 358
Uitlezen van het Electronic Serial Number (elektronisch serienummer) .................... 358
Frontpaneel verwijderen.................................................................... 359
Frontpaneel verwijderen............................................................................................. 359
Het frontpaneel verwijderen ................................................................................. 359
Het frontpaneel bevestigen .................................................................................. 359
Bediening van de AUDIO CONTROL ................................................ 360
Tussen audio-regelmodussen wisselen ..................................................................... 360
Instellingen wijzigen met de equalizermodus ............................................................. 362
Equalizer met opgeslagen waardes ........................................................................... 362
Bediening van de klankaanpassingsmodus.................................... 363
Over de klankaanpassingsmodus .............................................................................. 363
Crossover............................................................................................................. 363
Non-fader fase ..................................................................................................... 364
Instellingen wijzigen met de geluidsaanpassingsmodus ............................................ 365
Crossover-aanpassing (X-Over F/R).................................................................... 365
Crossover-aanpassing (X-Over NF)..................................................................... 366
Non-fader fasekeuze (Non-F fase)....................................................................... 366

326
Introductie
Voorzorgsmaatregelen
<Uw CD5425E functioneert het langst bij een goede behandeling>
• Zet voor een veilig gebruik de volumeknop op een zodanige stand, dat u geluiden van buitenaf nog
horen kunt
Tips voor de bediening
• Wij adviseren u bij deze speler CD's te gebruiken met het logo
naar links.
• U kunt voor deze speler alle typen CD's (CD-R/CD-RW)
gebruiken. Verzeker u ervan goed gebrande CD's te gebruiken.
Afhankelijk van de gebruikte brand-apparatuur, kan het zijn dat
bepaalde CD's niet goed afspeelbaar zijn.
• Gebruik alleen CD's voor de CD-speler.
Steek geen voorwerpen als muntjes, creditcards of andere
voorwerpen in de CD-opening. Kijk in dit verband vooral uit met
kinderen.
• Voorkom ernstige schokken.
Als de speler onderhevig is aan flinke schokken door bijv. het
rijden over ruwe wegen, kan het afspelen kort onderbroken
worden. Als dit gebeurd, wacht dan tot u weer op glad wegdek
rijdt, voordat u de speler weer aanzet.
• Over condensvorming.
Bij koud of regenachtig weer kan er condensvorming optreden in
het deck. Als dit gebeurd, kan het gebeuren dat de CD niet
normaal wil afspelen. Lucht de auto even voordat u opnieuw gaat
afspelen.
• Schoonhouden van de cd-opening.
De cd-opening kan stoffig worden. Maak de opening regelmatig
schoon om beschadiging van CD’s te voorkomen.
TEXT

Benaming van bedieningstoetsen en onderdelen
327
Benaming van bedieningstoetsen en onderdelen
Front
1 2 34 7 95 6
E D A
?
9C B
F
8
Nr. Knop Naam/functie
[CD (OPEN / EJECT)]
knop
Opent/sluit het frontpaneel en
werpt de CD uit.
[AUDIO CONTROL] knop
Volumeregeling en andere
functies.
[DISP] knop
Schakelt van diskmodus naar
AUX-modus.
[TA] knop
Om de TP of TA modus te
kiezen.
[SOUND] knop
Klankinstelling ON/OFF (aan/
uit). Naar de equalizermodus
wisselen.
[FUNC / AF] knop
Functiemodus ON/OFF (aan/
uit). Wisselt in AF modus en
REG modus.
[SEL] knop
Selectie van radiostations en
CD-tracks.
Nr. Knop Naam/functie
[Release] knop
Om het rechter gedeelte van
het frontpaneel van de unit te
verwijderen.
[ / ] knop
Automatische radio-
ontvangst of snel vooruit-/
terugspoelen.
[RTN] knop
Terug naar vorig scherm.
[RESET] knop
Reset standaard deck
functies.
[DISP / PTY] knop
Displayinstelling ON/OFF
(aan/uit) en displayscherm
omschakelen. Wisselt in de
PTY-modus.
II
III

328
Introductie
Knoppen [1] tot [6]
Voorkeuzetoetsen en
diskmodus functies.
Nr. Knop Naam/functie
[FM AM] knop
In radiomodus schakelen en
van zender wisselen.
[PWR] knop
Deck voeding ON/OFF (aan/
uit).
[MUTE] knop
Mute aan- of uitzetten.
Nr. Knop Naam/functie
Nr. Naam/functie
CD gleuf
Voor Compact Discs.
LET OP!
Plaats geen voorwerpen op het opengeklapte front en leun er niet op.
G

330
Introductie
Afstandsbediening (optioneel)
1
2
3
4
5
6
7
8
9
?
A
Nr. Knop Naam/functie
[PWR] knop
Deck voeding ON/OFF (aan/
uit).
[TU] knop
Wisselt in de tunermodus.
[BAND] knop
Wisselt tussen de
radiomodus en de
diskmodus.
[ ] knop
Het volume verlagen.
[MUTE] knop
Mute aan- of uitzetten.
[ PRESET CH ]
knoppen
[ DISC ] knoppen
Voorkeuzetoetsen en
diskmodus functies.
Nr. Knop Naam/functie
[MODE] knop
Wisselt in de afspeelmodus.
[DISC] knop
Wisselt in de diskmodus.
[AUX] knop
Wisselt in de AUX-modus.
[ ] knop
Het volume verhogen.
[ TUNE·SEEK ]
knoppen
[ TRACK ] knoppen
Selectie van radiostations en
CD-tracks.

Bediening van de CD-speler
331
Bediening van de CD-speler
• De cd wordt door een laserstraaltje gelezen; het CD-oppervlak komt dus met niets in aanraking.
Krassen op de cd of een kromme cd veroorzaken een slechte geluidskwaliteit of hebben tot gevolg
dat de cd niet goed afgespeeld kan worden. Neem de volgende richtlijnen in acht om een goede
geluidsweergave te waarborgen:
Over nieuwe CD's
Over compact discs
• Laat een uitgeworpen cd niet te lang in de opening zitten; hij kan
kromtrekken. Berg de cd op in de jewelbox, beschermd tegen hitte
en vocht.
• Plak geen stuk papier of sticker op de cd. Schrijf of kras niet op
een cd.
• Een cd draait op hoge snelheid binnenin de speler. Bespeel
daarom geen beschadigde CD's; hiermee voorkomt u
beschadigingen aan uw speler.
• Voorkom problemen bij het afspelen door het verkeerd vastpakken
van de CD; probeer de CD altijd bij de randen vast te houden.
• Het kan gebeuren dat een nieuwe cd wat ruwe kantjes vertoont
aan de randen of in het midden. Verwijder de oneffenheden met
de zijkant van een ballpoint of iets dergelijks. Ruwe kanten kunnen
ervoor zorgen dat de cd niet goed in de speler opgenomen wordt.
Restjes van de randen kunnen de oppervlakte van de cd
bovendien dermate vervuilen dat hij niet meer goed afspeelbaar is.
Ruwe randen
Ruwe randen
Bespeeld oppervlak
Ballpointpen
Schaafsel
III
IV

332
Bediening
Over CD accessoires
Over geleende CD's
• Gebruik geen CD's waar lijmresten, stukjes tape of labels op zitten. Deze kunnen ervoor zorgen
dat de cd in de speler vast blijft zitten of dat de speler beschadigd raakt.
Hoe CD's te verwijderen
Over CD’s met een onregelmatige vorm
•
• Gebruik geen accessoires (stabilisatoren, beschermende coatings,
laserlenscleaners) of andere zgn. “geluidsverbeterende middelen”
voor uw cd’s. Deze middelen veroorzaken een onregelmatig
oppervlak op uw CD’s waardoor er afspeelproblemen kunnen
ontstaan.
• Plak geen ringvormige beschermingen of ander accessoires op uw
cd’s. Deze accessoires zijn sinds enige tijd verkrijgbaar en heten de
cd te kunnen beschermen en de geluidskwaliteit te kunnen verbeteren
(antivibratie-effect). Ze doen echter meer kwaad dan goed in de
meeste gevallen. De meeste problemen doen zich voor bij het
plaatsen van de CD in de speler of als de CD uitgeworpen wordt, en
afspeelproblemen doordat de ring loslaat en in het mechanisme blijft
steken.
• Trek bij het uitnemen de CD recht uit de opening. Het buigen van de
CD tijdens het uitnemen kan krassen veroorzaken. Het buigen van de
cd tijdens het uitnemen kan lelijke krassen veroorzaken.
• Speciaal gevormde cd’s in de vorm van bijvoorbeeld een hart of
achthoek, kunnen niet afgespeeld worden. Probeer dit ook niet, zelfs
niet met een adapter, omdat ze de speler kunnen beschadigen.
Over het schoonmaken van een CD
• Gebruik een goedgekeurd product om uw CD’s mee schoon te
maken. Wrijf het middel voorzichtig van het middelpunt richting de
rand van de CD.
• Gebruik geen benzine, thinner, LP-spray of andere cleaners voor
uw CD’s. Ze kunnen de beschermlaag van uw CD aantasten.
OKAY
NIET GOED
XXXX
XXXX
XXXX

Bediening van de CD-speler
333
Het frontpaneel gaat open.
Als er al een disk in de speler zit,
druk dan de [CD ]-knop om de CD
uit te werpen.
De CD wordt direct afgespeeld.
ATTENTIE!
Als er al een CD in de speler zit, druk dan
de [DISC] knop om in de CD modus te
wisselen.
Druk eerst kort op de [DISC]-knop om in de
diskmodus te wisselen. Er wordt verondersteld
dat er al een CD in de unit zit.
De CD wordt afgespeeld.
Als er een externe CD-wisselaar is
aangesloten, veroorzaakt iedere
volgende druk op de [DISC]-knop het
wisselen van de afspeelmodussen
als volgt: CD-speler ➔ CD-wisselaar
1 ➔ CD-wisselaar 2 ➔ CD-speler.
Als één van de spelers niet geladen
is, wordt hij overgeslagen.
ATTENTIE!
• Er kunnen onderbrekingen bij het
afspelen optreden als er krassen of
vuil op de CD zitten.
• Er kunnen maar twee CD-wisselaars
worden aangesloten.
Naar rechts draaien:
Volgende track.
Naar links draaien:
Terug naar het begin van de track
die speelt. (Herhaal het draaien
voor eerdere bestanden).
Naar CD luisteren
1Druk op de [CD ] knop.
2Schuif een CD in de gleuf met het
label naar boven.
LET OP!
Druk nooit op de [
CD
] knop terwijl er een
CD wordt ingetrokken. Dit kan letsel en
schade aan het frontpaneel veroorzaken.
In de CD-afspeelmodus
wisselen
1Druk kort op de [DISC MS]-knop
om naar de CD-spelermodus te
wisselen.
Vooruit naar de volgende
track (bestand) of terug naar
het begin van de track
(bestand) die speelt
1Draai de [SEL] knop naar links of
rechts.
IV

334
Bediening
Snel afspelen of terugspoelen van de song die
speelt.
[ ] knop:
Fast forward.
[ ] knop:
Rewind.
Met een druk op de knop speelt de
unit de volgende track 10 seconden
lang, gaat naar de daaropvolgende
track van dezelfde CD, speelt die 10
seconden enzovoorts, totdat er
opnieuw op de knop wordt gedrukt.
ATTENTIE!
• Druk opnieuw op de knop om het
scannen te stoppen en een bepaald
bestand af te spelen.
• Als de gehele CD volledig gescand
is, begint het afspelen vanaf het punt
waar het scannen begon.
Druk om af te breken opnieuw op de
[5 RPT]-knop.
Druk om af te breken opnieuw op de
[6 RAND]-knop.
ATTENTIE!
• Druk, tijdens willekeurige weergave
op de [5 RPT] knop, om de track die
speelt opnieuw te horen. Druk om de
herhaalfunctie af te breken (en naar
willekeurige weergave terug te
gaan), opnieuw op de [5 RPT] knop.
Tijdens het afspelen van een
bepaalde track: Deze track wordt
voortdurend herhaald.
Tijdens het zoeken: De volgende
track wordt voortdurend herhaald.
• Het kan gebeuren dat een bepaald
(geselecteerd) bestand twee keer of
vaker achter elkaar wordt
afgespeeld; dit is normaal en geen
storing.
• Als een van de volgende functies -
"Het begin van de tracks afspelen",
"Dezelfde track herhalen" en "De
tracks in toevallige volgorde
afspelen" - is geselecteerd, wordt er
een melding weergegeven om de
lopende functie te verifiëren, zoals
[SCAN], [REPEAT] of [RANDOM].
Fast Forward/Rewind
1Houd knop [ ] of [ ] ingedrukt.
Het begin van de bestanden
afspelen (SCAN)
1Druk op de [4 SCAN] knop.
Dezelfde track herhalen
(REPEAT)
1Druk op de [5 RPT] knop om de
track die speelt opnieuw te horen.
Tracks in willekeurige
volgorde afspelen
(RANDOM)
1Druk op de [6 RAND] knop om de
track willekeurig af te spelen.

Bediening van de MP3-speler
337
Formaat van CD's
Het formaat van de CD's moet ISO9660 Level 1 of Level 2 zijn.
De kenmerken van deze standaard zijn:
• Maximum aantal directory layers: 8 lagen
• Maximum aantal tekens voor map- en bestandsnamen:
32 (inclusief "." en de 3 letters van de extensie)
• Toegestane tekens voor map- en bestandsnamen:A~Z, 0 - 9, _ (onderstreep)
• Maximum aantal bestanden/mappen op één CD: 999
• Maximum aantal mappen op één CD: 255
• Maximum aantal mappen die dit deck kan verwerken: 256*
*: De hoofddirectory wordt als één map geteld.
Bestandsnamen
Alleen bestanden met de MP3 bestandsextensies ".mp3" en ".wma" kunnen als MP3 worden
afgespeeld. Let erop MP3 bestanden met de ".mp3" bestandsextensie op te slaan. Het maakt niet
uit of de letters "MP" als hoofdletter of als kleine letter worden geschreven.
Multi-sessions
Het deck kan multi-session CD's afspelen alsook CD-R's en CD-RW's met geannoteerde MP3-
bestanden. Als er echter met de 'track at once' methode is opgenomen dient u de session te sluiten
of er komt een waarschuwing. Standaardiseer het formaat van iedere gebrande sessie en verander
het formaat niet meer.
LET OP!
Als er een ".mp3" bestandsextensie aan een ander bestand hangt dan aan een MP3-bestand,
neemt het deck ten onrechte aan dat het een MP3-bestand is en begint harde geluiden weer te
geven waardoor de speakers kunnen worden beschadigd. Let erop nooit ".mp3"-bestandsextensies
aan bestanden te handen die geen MP3-bestanden zijn.
F2
Hoofddirectory (F1)
F158
Map 2
Map 158
Map159
F255 Map 255
001.mp3
002.mp3
003.mp3
004.txt
005.mp3
001.mp3
002.mp3
F159
[Configuratievoorbeeld van een CD die MP3 ondersteunt]
Maximum aantal bestanden/mappen op één CD: 999.
Andere bestanden dan MP3 bestanden (bijvoorbeeld: 004.txt) tellen ook mee
als enkele bestanden.
V

338
Bediening
Afspelen van MP3's
Als er een CD met opgenomen MP3-bestanden wordt afgespeeld, controleert het deck eerst alle
bestanden op de CD. Zolang het deck met deze controle bezig is, geeft hij geen geluid weer. Wij
raden u aan geen andere bestanden dan MP3-bestanden en geen onnodige mappen op de CD te
branden zodat het deck de bestanden sneller kan 'checken'.
MP3-afspeeltijdweergave
Afhankelijk van de kwaliteit van het MP3-bestand kan de afspeeltijd eventueel niet kloppen.
* De afspeeltijd kan ook onjuist worden weergegeven als de VBR Fast Up/Down functie wordt
gebruikt.
Weergegeven volgorde van MP3-bestandsnamen
De namen van MP3-mappen en -bestanden op hetzelfde niveau worden weergegeven in deze
volgorde:
1. MP3-mappen het eerst, met oplopende volgorde van getallen en letters.
2. De bestanden daaropvolgend, met oplopende volgorde van getallen en letters.

Bediening van de MP3-speler
339
Naar rechts draaien:
Volgende track (bestand).
Naar links draaien:
Terug naar het begin van de track
(bestand) die speelt.
Herhaal het draaien voor eerdere
tracks (bestanden).
Naar MP3-bestanden
luisteren
1In de CD-afspeelmodus wisselen.
LET OP!
• Er kunnen onderbrekingen bij het
afspelen optreden als er krassen of vuil
op de CD zitten.
• Er kunnen maar twee CD-wisselaars
worden aangesloten.
● Let op! ●
• Als er normale muziekbestanden
(CD-DA) en MP3-
muziekbestanden op dezelfde
CD staan, worden de normale
bestanden afgespeeld. Druk
langer dan een seconde op knop
[3] om naar de MP3-
muziekbestanden te luisteren.
• Als er een niet-MP3-bestand
wordt afgespeeld, verschijnt er
"NO SUPPORT".
• Met de optionele CD-wisselaar
kunnen geen MP3-bestanden
worden afgespeeld.
Naar de volgende track
(bestand) of terug naar het
begin van de track (bestand)
die speelt
1Draai de [SEL] knop naar links of
rechts.
V

340
Bediening
Knop [1 ]:
Kies de vorige map
Knop [2 ]:
Kies de volgende map.
Snel afspelen of terugspoelen van de song die
speelt.
[ ] knop:
Fast forward.
[ ] knop:
Rewind.
Als een bestand in een hoofddirectory niet kan
worden afgespeeld, keert het systeem terug
naar het eerste bestand dat kan worden
afgespeeld. (In het geconfigureerde voorbeeld
keert het systeem terug naar bestand 001.mp3.
zie pagina 337.)
Druk kort op de knop om de eerste
10 seconden van iedere song in de
layer van de map die wordt
afgespeeld te horen.
Als u de knop ingedrukt houdt totdat
er [FOLDER SCAN] wordt
weergegeven, speelt de unit de eerst
10 seconden van de eerste song van
elke map.
ATTENTIE!
• Druk opnieuw op de knop om het
scannen te stoppen en een bepaald
bestand af te spelen
• Als de gehele CD volledig gescand
is, begint het afspelen vanaf het punt
waar het scannen begon.
Druk kort op de knop om het bestand
dat speelt te herhalen.
Als u de knop ingedrukt houdt totdat
er [FOLDER REPEAT] verschijnt,
herhaalt de unit alle bestanden die in
dezelfde layer zijn opgeslagen als de
actuele map.
Druk om af te breken opnieuw op de
[5 RPT]-knop.
Naar de volgende of vorige
map springen
1Druk op knop [1 ] of [2 ]
Fast Forward/Rewind
1Houd knop [ ] of [ ] ingedrukt.
Terug naar de hoofddirectory
van de CD
1Druk op de [RTN] knop.
Het begin van de bestanden
afspelen (SCAN)
1Druk op de [4 SCAN] knop.
Hetzelfde bestand (REPEAT)
1Druk op de [5 RPT] knop.

Bediening van de MP3-speler
341
Druk kort op de knop om alle
bestanden willekeurig af te spelen
die zich in dezelfde layer bevinden
als de map die wordt afgespeeld.
Als u de knop 2 seconden
ingedrukt houdt en [ALL RANDOM]
verschijnt, worden alle bestanden
in alle mappen willekeurig
afgespeeld.
Druk om af te breken, nogmaals op
de [6 RAND] knop.
ATTENTIE!
• Druk tijdens willekeurige weergave
de [5 RPT] knop, om het bestand dat
speelt opnieuw te horen. Druk om de
herhaalfunctie af te breken (en naar
willekeurige weergave terug te
gaan), opnieuw op de [5 RPT] knop.
Tijdens het afspelen van een
bepaald bestand: Dit bestand wordt
voortdurend herhaald.
Tijdens het zoeken: Het volgende
bestand wordt voortdurend herhaald.
• Het kan gebeuren dat een bepaald
(geselecteerd) bestand twee keer of
vaker achter elkaar wordt
afgespeeld; dit is normaal en geen
storing.
Telkens als u op de knop drukt,
verschijnt het volgende in deze
volgorde:
Mapnaam/bestandsnaam* ➔ map nr.
/bestandsnr. ➔ tag
*:Het display toont hoogstens 9
tekens en scrolt dan verder om de
resterende tekens weer te geven.
Nadat de mapnaam in het display
is verschenen, wordt de
bestandsnaam door scrollen
weergegeven. Nadat de
bestandsnaam voorbij is
'gescrolld', blijft het display weer
constant.
ATTENTIE!
Mapnamen/bestandsnamen of tags die
met niet-alfanumerieke tekens zijn
opgeslagen, kunnen niet worden
weergegeven.
Bestanden in toevallige
volgorde afspelen
(RANDOM)
1Druk op de [6 RAND] knop.
Titelweergave
1Druk langer dan een seconde op
de [DISP] knop.
V

342
Bediening
Bediening van de tuner
Over het algemeen biedt FM een veel betere klankkwaliteit dan AM. FM en FM stereo hebben met
andere karakteristieke problemen te kampen die AM niet kent. FM is moeilijker te ontvangen dan AM in
een bewegend voertuig. Het volgende geeft uitleg over wat er van FM ontvangst kan worden verwacht
en hoe er bevredigende resultaten mee kunnen worden bereikt.
FM ontvangst is anders dan AM
Neemt af
In gebieden met een zwak signaal of randgebieden kunnen de FM zenders storingen vertonen of
compleet wegsterven. Als u door gebieden met een zwak signaal rijdt, zoals bij heuvels, in valleien
en tunnels, langs hoge gebouwen, enz., kunnen er ongewenste klankstoringen optreden. DIT IS
GEEN STORING VAN DE TUNER. In dit geval kunt u alleen maar wachten tot u in een gebied komt
waar de ontvangst beter is, een sterkere zender zoeken of de hoge tonen verminderen.
FM ontvangstkenmerken
Een kenmerk van radiosignalen is dat de lage frequenties verder
reiken. FM frequenties zijn veel hoger dan AM frequenties (bijna zo
hoog als lichtstralen); ze worden niet afgebogen maar
gereflecteerd. Ze worden vaak onderbroken door hoge gebouwen,
bergen enz, en komen via directe en indirecte weg bij uw antenne
aan. De afstand tot de zendmast om nog een redelijke ontvangst te
genieten is lang niet zo groot als bij AM zendmasten.
AM radiogolf
Ionosfeer
FM radiogolf
Ionosfeer

Bediening van de tuner
343
Het ontvangstgebied van FM zenders
Multipath
Een ontvanger in een woning kan ook zwakke FM
stereo-signalen ontvangen m.b.v. een hoge
richtingsantenne of een ultragevoelige antenne. In een
bewegend voertuig is het gebied waarin een goede
ontvangst mogelijk is, beperkt. Dit vanwege de
afwisselende situaties die tijdens het rijden optreden
(inclusief de types en lengtes van zendmasten,
signaalsterkte, motorgeluid, enz.). Verleng de antenne
zo veel mogelijk voor een optimale ontvangst.
De reflecterende karakteristiek van FM golven
veroorzaakt nog een ander probleem, namelijk
multipath FM signalen die van gebouwen, bergen, enz.
reflecteren. Als de antenne directe en gereflecteerde
golven tegelijkertijd ontvangt, ontstaat er vaak
geluidsvervorming in het hogetonengebied (klinkt als
ruis of krassend geluid). DIT IS GEEN STORING VAN
DE TUNER. Dit kan alleen worden opgelost door naar
een gebied te gaan met een zuiverder signaal.
Zendmast 100 meter hoog effectief
stralingsvermogen 1 kW
FM stereo autoradio 20 km
FM mono autoradio 50 km
De ontvangstkwaliteit varieert, afhankelijk van het
vermogen van de FM-zender, natuurlijke en
kunstmatige barrières, het weer, enz.
FM stereo-ontvanger in woning 100 km
GEREFLECTEERDE
GOLF
GEREFLECTEERDE
GOLF
DIRECT
E GOLF
VI

344
Bediening
Druk eerst op de [FM AM] knop om de tuner te
gebruiken.
Er zijn automatische en handmatige methodes
om zenders in het geheugen op te slaan. De
receiver kan t/m 30 zenders in het geheugen
opslaan: 6 in AM (MW), 6 in LW en 18 in FM (6
ieder op FM1, FM2 en FM3.)
(Standaardinstelling)
U kunt de radioband wisselen door
op de knop te drukken, van FM1 ➔
FM2 ➔ FM3 ➔ AM (MW) ➔ LW, in
deze volgorde.
Naar rechts draaien:
Hogere frequenties.
Naar links draaien:
Lagere frequenties.
[ ] knop:
Zoekt zenders op hogere
frequenties.
[ ] knop:
Zoekt zenders op lagere
frequenties.
ATTENTIE!
Het is soms moeilijk de optimale
ontvangst te handhaven omdat de
antenne aan uw auto continu in beweging
is (in verhouding tot de zendmast) en het
ontvangen signaal dus voortdurend
varieert. Andere factoren die de
ontvangst beïnvloeden, worden
veroorzaakt door natuurlijke obstakels,
verkeersborden, enz.
U kunt in de gewenste modus
wisselen.
De automatische voorkeuzemodus
wordt gestart.
Het [ASM ON] indicatiesymbool op
het scherm begint te knipperen en de
zenders worden automatisch in het
geheugen aan de knoppen [1] tot [6]
toegewezen.
Deze knoppen worden
voorkeuzetoetsen genoemd.
Afstemmen op een zender
1Druk kort op de [FM AM]-knop om
naar de FM, AM (MW) of langegolf
(LW) te wisselen.
2Draai de [SEL] knop naar links of
rechts om een zender in te stellen.
3Druk op de [ ] of [ ]-knop om
automatisch naar zenders te laten
zoeken.
Automatische zenderinvoer
(De automatische
voorkeuzemodus: ASM)
1Druk kort op de [FM AM]-knop.
2Druk langer dan twee seconden
op de knop [SEL] tot u een
pieptoon hoort.

346
Bediening
U kunt de ontvangstgevoeligheid van het
automatisch scannen naar zenders aanpassen.
De twee gevoeligheidsmodussen van het deck
zijn de AUTO modus en de DX modus.
De modus schakelt tussen de
AUTO modus en de DX modus
heen en weer als er op de knoppen
wordt gedrukt.
RDS (radio data system) is een zendersysteem
dat gebruik maakt van de niet-toegewezen FM-
zenders. Het maakt gebruik van de subcarrier
radiogolven van de FM-zender om
informatiediensten aan te bieden, bijvoorbeeld
verkeersinformatie of andere data.
Deze unit biedt deze mogelijkheid in de ’FM-
modus.
AF (alternatieve frequentie)
instellen
Als deze functie aan staat (ON), schakelt de
unit automatisch naar de frequentie waarop de
zender waar u momenteel naar luistert het best
is te ontvangen. De AF functie staat standaard
aan (ON).
REG (REGIONAAL) instelling
Er zijn zenders die lokaal afwijkende
programma's uitzenden. Als de REG functie
aan staat (ON), schakelt de tuner niet meer om
naar 'dezelfde' zender met een ander lokaal
programma.
AF-ON/REG-OFF ➔ AF-ON/REG-
ON ➔ AF-OFF/REG-OFF ➔ AF-ON/
REG-OFF www
Als de AF functie aan staat (ON):
De [AF] indicatie is verlicht.
Als de REG functie aan staat (ON):
De [REG] indicatie is verlicht.
De ontvangstgevoeligheid
van het automatisch
scannen
AUTO
modus
Tijdens het automatisch scannen
wordt er automatisch voor een van
de twee
ontvangstgevoeligheidsmodussen
gekozen. De ontvangstgevoeligheid
staat eerst op het lage niveau, zodat
alleen sterke zenders worden
ontvangen. Als er geen zenders
worden gevonden, wordt de
ontvangstgevoeligheid verhoogd
zodat de zwakkere zenders kunnen
worden ontvangen.
DX modus
Omdat de ontvangstgevoeligheid
van het automatisch scannen
hiermee meteen op een hoog niveau
is ingesteld, worden de zwakkere
zenders ook ontvangen. (Er kunnen
signaalstoringen optreden bij
sommige zwakke zenders.)
1Controleer of het deck in standby-
modus staat.
2Houd knop [1] ingedrukt,
vervolgens de [FM AM] knop, en
houd beide meer dan drie
seconden ingedrukt.
RDS data ontvangen
1Druk langer dan een seconde op
de [AF]-knop en kies een item.

Bediening van de tuner
347
Het TP (traffic program -
verkeersprogramma)/TA (traffic
announcement - verkeersbericht)
instellen
Door vaker op de [TA]-knop te
drukken, kunt u de volgende opties
kiezen:
TP OFF/TA OFF ➔ TP ON/TA OFF
➔ TP ON/TA ON… www
Als TP op ON (aan) staat en TA
op OFF (uit):
Als er een zender met
verkeersinformatie wordt ontvangen,
licht de [TP]-indicatie op.
Als de zender met
verkeersinformatie niet meer kan
worden ontvangen, begint de [TP]
indicatie te knipperen.
Als u op de [ ] of [ ]-knop drukt,
terwijl de unit in FM-modus staat,
begint hij een zender met
verkeersinformatie te zoeken.
Als er een verkeersbericht wordt
ontvangen terwijl de unit niet in de
radiomodus staat, schakelt hij
automatisch in radiomodus zodat u
het verkeersbericht kunt horen.
Bij het einde van het verkeersbericht
keert de unit weer in de vorige
modus terug.
Als zowel TP als TA op ON (aan)
staan:
Als er een zender met
verkeersinformatie wordt ontvangen,
licht de [TA]-indicatie op.
Als de verkeersinformatie niet meer
kan worden ontvangen, begint de
[TA] indicatie te knipperen.
In de FM-modus wordt het geluid
mute (stom) geschakeld. Alleen als
er TA wordt ontvangen, schakelt de
mute weer uit en kan er naar
verkeersberichten worden geluisterd.
Als de zender waar u momenteel
naar luistert geen verkeersinformatie
uitzendt, zoekt de unit automatisch
een andere zender met
verkeersinformatie.
Als er geen zender met
verkeersinformatie wordt ontvangen,
verschijnt er [NOTHING] op het
display.
Als er een verkeersbericht wordt
ontvangen terwijl de unit niet in de
radiomodus staat, schakelt hij
automatisch in radiomodus zodat u
het verkeersbericht kunt horen.
Bij het einde van het verkeersbericht
keert de unit weer in de vorige
modus terug.
Verkeersinformatie
ontvangen
1Draai aan de [TA] knop en kies
een item.
VI

348
Bediening
ATTENTIE!
• Als de TP-functie aan staat (ON),
zoekt de unit alleen naar zenders
met verkeersinformatie. Als er
verkeerinformatie wordt ontvangen
maar het signaal een bepaalde tijd
lang zwak blijft, begint de [TP] of [TA]
indicatie te knipperen. Als u op de
[ ] of [ ]-knop drukt terwijl de unit
in FM-modus staat, verschijnt er [TP
SEEK] op het display en de unit
begint verkeersinformatie te zoeken.
• Als u het volume van de
verkeersinformatie tijdens de
weergave aanpast, wordt deze
aanpassing opgeslagen. Bij de
volgende keer is volume van de
weergave van verkeersinformatie
dan zoals was opgeslagen.
• De RDS-functie staat in de AM
(MW)/LW modussen niet ter
beschikking.
• Als er een EON-zender wordt
ontvangen, licht de [EON]-indicatie
op.
Als de zender waar u momenteel
naar luistert geen verkeersinformatie
uitzendt, zoekt de unit automatisch
naar een andere zender met
verkeersinformatie en schakelt om
naar deze zender.
Bij RDS-zenders kan de naam van de zender
en informatie over de programmacategorie
worden ontvangen en weergegeven op het
display. U kunt er m.b.v. de PTY-funcite ook
voor kiezen alleen RDS-zenders te ontvangen
die een bepaald genre uitzenden.
De naam van het RDS-zendergenre
dat momenteel wordt ontvangen
verschijnt op het display en de [PTY]-
indicatie licht op. Als er geen PTY-
signaal wordt ontvangen, verschijnt
er “NOPTY” op het display.
PTY (programmatype)
instellen
1Druk langer dan een seconde op
de [PTY] knop.

Bediening van de tuner
349
PTY SEEK instellen
Door vaker op de [FUNC]-knop te
drukken, kunt u uit de volgende
opties kiezen:
NEWS ➔ SPORTS ➔ TALK ➔ POP ➔
CLASSICS ➔ NEWSwww
ATTENTIE!
Als er een PTY31-signaal wordt
ontvangen, verschijnt er [ALARM] op het
display en de nooduitzending wordt
weergegeven.
De SEEK-functie begint zenders van
het gekozen genretype te zoeken.
Tijdens het zoeken naar RDS-
zenders m.b.v. de SEEK-functie
wordt de [PTY] indicatie op het
display getoond.
Als er geen RDS-zender van het
gekozen genre kan worden
gevonden, verschijnt er twee
seconden lang [NOTHING] op het
display en daarna vier seconden
lang het genre waarna werd gezocht.
1Druk langer dan een seconde op
de [PTY]-knop terwijl het RDS-
zendergenre wordt weergegeven.
2Als één van de bovengenoemde
genres (NEWS, SPORTS, TALK,
POP en CLASSICS) langer dan
een seconde op het display wordt
weergegeven, kunt u dit genre
uitkiezen door een druk op de [ ]
of [ ]-knop.
VI

350
Bediening
Gebruik van de optionele afstandsbediening
• Wees voorzichtig met de afstandsbediening, hij is licht en klein. Als hij valt kan hij kapot gaan, de
batterij kan leeglopen of een storing veroorzaken.
• Vermijd contact met vochtigheid, stof en water. Stel de afstandsbediening niet bloot aan schokken.
• Berg de afstandsbediening niet in de buurt van hittebronnen op, zoals op het dashboard of dichtbij
de verwarming. Door oververhitting kan hij vervormen of storingen vertonen.
• Gebruik de afstandsbediening niet onder het rijden omdat dat ongelukken kan veroorzaken.
• Richt de afstandsbediening op de lichtgevoelige ontvanger.
• De lichtgevoelige ontvanger werkt eventueel niet goed als hij aan zonlicht is blootgesteld.
• Druk langer dan twee seconden op de [PWR] knop om de unit uit te zetten alvorens u de auto
verlaat om de accu niet te belasten. Als de hoofdunit uit is, werkt de afstandsbediening niet.
• Verwijder de batterijen uit de afstandsbediening als hij een lange tijd niet wordt gebruikt.
• Reinig de afstandsbediening met een droge doek. Als de afstandsbediening zeer vuil wordt, reinig
hem dan met een vochtige doek met een beetje verdund vloeibaar wasmiddel. Gebruik geen
alcohol of thinner; hiermee wordt het oppervlak beschadigd.
• Gebruik nooit benzine of thinner. Hiermee wordt het oppervlak van de behuizing beschadigd.
Voorzorgsmaatregelen voor het gebruik van de afstandsbediening
De afstandsbediening reinigen

Gebruik van de optionele afstandsbediening
351
Als de voeding (power) wordt aangezet, speelt
de unit hetzelfde af als voor het uitzetten (radio
of cd bijvoorbeeld).
Als er op de knop wordt gedrukt
gaat de voeding (power) aan of uit.
ATTENTIE!
Als de hoofdunit uit is, werkt de
afstandsbediening niet.
[ ] knop:
Het volume verhogen.
[ ] knop:
Het volume verlagen.
Het volume uitzetten (mute)
Druk kort op de [MUTE]-knop om het geluid
volledig uit of weer aan te zetten.
Druk op de knop om de
afspeelmodus te wisselen in deze
volgorde:
Tuner ➔ Disk ➔ AUX ➔ Tuner www
ATTENTIE!
U kunt van modus wisselen door op de
volgende knoppen te drukken:
[TU] knop:
De tunermodus is geactiveerd.
[DISC] knop:
De diskmodus is geactiveerd.
[AUX] knop:
De AUX-modus is geactiveerd.
Kies eerst de tunermodus.
Kies de FM/AM band
Na elke volgende druk op de knop
wisselt de tunermodus van
FM1
➔
FM2
➔
FM3
➔
AM (MW)
➔
LW.
De voeding aan- en uitzetten
1Druk op de [PWR] knop.
Het volume aanpassen
1Druk op de [ ] of [ ]-knop.
Afspeelmodussen wisselen
1Druk op de [MODE] knop.
Bediening van de tuner
1Druk op de [BAND] of [TU] knop.
VII

352
Bediening
Een station kiezen (handmatig of
automatisch)
Met een korte druk op de knop kunt u de
zenders handmatig instellen. Als u de knop
meer dan een seconde ingedrukt houdt, begint
de automatische afstemming.
[ ] knop:
Stemt op hogere frequenties af.
[ ] knop:
Stemt op lagere frequenties af.
Voorkeuzenders selecteren
Er kunnen 6 zenders worden geselecteerd
(voorkeuzezenders) uit de zenders die al in het
geheugen van de unit staan. (Raadpleeg
"Handmatig zenders opslaan" op pagina 345.)
[ ] knop:
Selecteer de volgende
voorkeuzetoets.
[ ] knop:
Selecteer de vorige
voorkeuzetoets.
Diskmodussen wisselen
De diskmodus is geactiveerd.
Als er een of twee CD-wisselaars
zijn aangesloten, druk dan op de
[BAND] of [DISC] knop om de
modus te wisselen van CD-speler
➔ ➔ CD-wisselaar 1 CD-wisselaar
2.
Als één van de afspelers niet
geladen is, wordt hij overgeslagen.
Vooruit naar de volgende track
(bestand) of terug naar het begin
van de track (bestand) die speelt
[ ] knop:
Volgende track.
[ ] knop:
Terug naar het begin van de track
die speelt.
(Druk vaker om naar vorige tracks
te springen.)
ATTENTIE!
Houd de [ ] knop ingedrukt voor snel
afspelen, of de [ ] knop voor snel terug
in de track die speelt.
Naar de volgende of vorige disk
springen
[ ] knop:
Selecteer de volgende disk.
[ ] knop:
Selecteer de vorige disk.
1Druk op de [ TUNE•SEEK ]
knop.
1Druk op de [ PRESET CH ]
knop.
CD's afspelen
1Druk op de [DISC] knop.
2Druk op de [BAND] of [DISC]
knop.
1Druk op de [ TRACK ] knop.
1Druk op de [ DISC ] knop.

Gebruik van de optionele afstandsbediening
353
Diskmodussen wisselen
De diskmodus is geactiveerd.
Als er een of twee CD-wisselaars
zijn aangesloten, druk dan op de
[BAND] of [DISC] knop om de
modus te wisselen van CD-speler
➔ ➔ CD-wisselaar 1 CD-wisselaar
2.
Als één van de afspelers niet
geladen is, wordt hij overgeslagen.
ATTENTIE!
• Met de optionele CD-wisselaar
kunnen geen MP3-bestanden
worden afgespeeld.
• Als er normale muziekbestanden
(CD-DA) en MP3 muziekbestanden
op dezelfde CD staan, worden de
normale bestanden afgespeeld.
Vooruit naar de volgende track
(bestand) of terug naar het begin
van de track (bestand) die speelt
[ ] knop:
Volgende track (bestand).
[ ] knop:
Terug naar het begin van de track
(bestand) die speelt.
(Druk vaker
om naar vorige tracks te
springen.)
ATTENTIE!
Houd de [ ] knop ingedrukt voor snel
afspelen, of de [ ] knop voor snel
terug in de track die speelt.
Naar de volgende of vorige map
springen
[ ] knop:
Kies de volgende map.
[ ] knop:
Kies de vorige map.
MP3's afspelen
1Druk op de [DISC] knop.
2Druk op de [BAND] of [DISC]
knop.
1Druk op de [ TRACK ] knop.
1Druk op de [ DISC ] knop.
VII

354
Bediening
Gebruik twee AAA batterijen.
De batterij vervangen
WAARSCHUWING
Berg batterijen buiten bereik van kinderen
op om ongevallen te voorkomen. Als een
kind toch een batterij heeft ingeslikt, direct
medische hulp opzoeken.
1Verwijder het deksel van de
afstandsbediening door er
behoedzaam op te drukken en in
de richting van de pijl te
schuiven.
2Stop de twee batterijen in hun
vakje zoals in het vakje
aangeduidt.
3Schuif het deksel weer op zijn
plaats.
LET OP!
• Neem batterijen nooit in de mond.
• De levensduur van de batterijen is ca.
één jaar. Als de afstandsbediening niet
meer goed werkt of het lampje zwakker
brandt is het tijd de batterijen te
vervangen.
• Leg de batterijen niet verkeerd om; de
positieve en negatieve pool staan
afgebeeld op het schema.
• Meng oude en nieuwe batterijen niet;
gebruik twee nieuwe batterijen.
• Gebruik gelijksoortige batterijen.
•
Verwijder beide batterijen en breng ze
naar de recycling als er vloeistof uit lekt.
Reinig de batterijvakjes grondig met een
droge doek. Installeer dan pas de nieuwe
batterijen.

ESN bedieningsprocedure beveiliging
355
ESN bedieningsprocedure beveiliging
Dit deck omvat ESN (Eclipse Security
Network). ESN is een beveiligingssysteem dat
alle functies van het deck blokkeert als de
voeding aan een gestolen deck wordt
aangesloten. Als ESN eenmaal is geactiveerd,
wordt door het verwijderen van de stroom van
het deck of van de auto deze
beveiligingsfunctie in werking gezet. Het
instellen en opheffen van de beveiligingsfunctie
geschiedt met een "Key CD". U dient van
tevoren een muziek-CD als "Key CD" op te
nemen.
Programmeren van de Key-CD te
programmeren
Een [SEC] melding verschijnt, binnen
twee seconden verandert deze in
[DISC].
ATTENTIE!
• Als een CD reeds ingevoerd is,
verschijnt er een [SEC] melding, het
frontpaneel gaat open en de CD
wordt uitgeworpen.
• Wanneer een beveiliging actief is,
kan er niet omgeschakeld worden
naar een ander type beveiliging.
Het frontpaneel gaat open; de
CD5425E is bereid om de Key CD te
ontvangen.
Een [SEC] boodschap verschijnt, de
Key CD wordt uitgeworpen.
Het frontpaneel gaat dicht.
ATTENTIE!
• Als er een probleem ontstaat met de
CD, verschijnt een [ERR] boodschap
voor twee seconden, de CD wordt
vervolgens uitgeworpen. De CD
opnieuw invoeren.
• Als een CD tot tweemaal toe een
[ERR] melding veroorzaakt,
verschijnt er twee seconden lang
[CHANGE]. Probeer een andere CD.
• Alleen lezen-CD's en MP3-CD-
ROM's kunnen niet gebruikt worden
voor het programmeren van Key-CD-
beveiliging.
• De beveiligingsindicator licht op
als de auto van het contact gaat.
Over ESN
Gebruik van de ESN (Key
CD) beveiliging
1Controleer of de unit standby
staat.
2Houd de [FUNC] knop ingedrukt,
druk dan op [6], en houd beide
knoppen meer dan een seconde
vast.
3Druk op de [CD ] knop.
4Plaats de CD in de opening.
5Druk op de [CD ] knop.
VII
VIII

356
Verscheidene instellingen
Hoe de Key-CD te wissen
Een [SEC] melding verschijnt, binnen
twee seconden verandert deze in
[DISC].
Het frontpaneel gaat open; de
CD5425E is bereid om de Key CD te
ontvangen.
ATTENTIE!
Als een CD reeds ingevoerd is,
verschijnt er een [SEC] melding, het
frontpaneel gaat open en de CD wordt
uitgeworpen.
Een [CANCEL] melding verschijnt,
de Key CD wordt uitgeworpen.
De Key CD is gewist.
ATTENTIE!
• Deze procedure heft de beveiliging
van het ESN deck op.
• Als de voeding van het ESN deck
eraf gaat en vervolgens weer wordt
aangesloten, hoeft de Key CD er niet
opnieuw in om de unit normaal te
doen werken.
• Een andere CD dan de Key CD in de
speler doen, heft de beveiliging niet
op. In plaats daarvan laat het display
twee seconden [ERR] zien, waarna
de normale CD playbackmodus weer
actief wordt.
Het frontpaneel gaat dicht.
De Key-CD programmeren
Raadpleeg "Hoe de Key-CD te
wissen".
Raadpleeg "De Key-CD
programmeren".
1Controleer of de unit standby
staat.
2Houd de [FUNC] knop ingedrukt,
druk dan op [6], en houd beide
knoppen meer dan een seconde
vast.
3Druk op de [CD ] knop.
4Plaats de Key-CD in de gleuf.
5Druk op de [CD ] knop.
1Wis, om te beginnen, de
bestaande Key CD.
2Programmeer vervolgens een
nieuwe Key CD.

ESN bedieningsprocedure beveiliging
357
Hoe terug te gaan naar normale
bediening (ESN beveiliging uit)
Als de voeding eraf gaat wanneer de ESN-
beveiliging actief is (een Key CD is
geprogrammeerd), is bediening niet
mogelijk totdat de voeding weer is
aangesloten en de unit ontgrendeld. Volg
deze procedure om terug te gaan naar
normale bediening.
Als de juiste CD ingevoerd is, zal de
[OK] melding twee secondes lang op
het display verschijnen, waarna de
CD afgespeeld zal worden.
ATTENTIE!
• Als er een verkeerde CD ingevoerd
is, zal de [ERR_] ("ERR" met
nummer) melding verschijnen,
waarna de CD uitgeworpen zal
worden.
• Als [ERR5] (de 5e foutmelding)
verschijnt, komt de [HELP] melding
op het display, waarna de CD
uitgeworpen wordt. Als [HELP]
verschijnt, voer dan de handelingen
uit voor het ESN beveiligingsslot
volgens de procedure "Wat gebeurt
er als er een verkeerde CD
ingebracht is?" op pagina 357.
• U moet dezelfde CD gebruiken voor
het Key CD programmeren; een
kopie werkt eventueel niet naar
behoren.
Wat gebeurt er als er een verkeerde
CD ingebracht is?
Na de [HELP] melding, verschijnt het
serienummer op het display.
Na de [SEC] melding, verschijnt er
een code (zes getallen) op het
display.
[DISC] verschijnt op het display.
U heeft nog vijf pogingen om de
juiste CD in te voeren.
Als de juiste CD ingevoerd is, zal de
[OK] melding twee secondes op het
display verschijnen, waarna de CD
wordt uitgeworpen.
ATTENTIE!
• Als er een verkeerde CD ingevoerd
is, zal de [ERR_] ("ERR" met
nummer) melding verschijnen,
waarna de CD uitgeworpen wordt.
• Deze procedure heft de beveiliging
van het ESN deck op.
1Als de voeding wordt aangezet
nadat de accu los is geweest, zal
er twee secondes lang een [SEC]
melding verschijnen. Daarna
verandert de melding in [DISC]
waarna u op de [CD ]-knop kunt
drukken; de CD5425E is nu bereid
om de Key CD te ontvangen.
2Voer de Key CD in.
1Na de 5e poging laat het display
vijf secondes lang [HELP] zien.
2Druk op de [CD ] knop om het
frontpaneel te sluiten.
3Houd de [FUNC] knop ingedrukt,
druk dan op [6] en houd beide
knoppen vijf secondes vast.
4Druk op de [FUNC] knop.
5Plaats de CD in de opening.
VIII

358
Verscheidene instellingen
Wanneer de ESN beveiliging is geactiveerd,
knippert het indicatielampje als de auto van het
contact af is, ten einde potentiële dieven te
waarschuwen dat de unit beveiligd is. Indien u
dit niet wenst, kan deze functie uitgeschakeld
worden.
[IND. FLASH] betekent dat het
indicatielampje knippert wanneer het
contact eraf gaat, en [IND.-----]
betekent dat het lampje uit blijft.
Herhaal de genoemde stappen om
de flashmode te reactiveren.
[ESN] verschijnt op het display,
gevolgd door een nummer met acht
getallen; dit nummer is uw
elektronische serie nummer (ESN).
U kunt dit nummer gebruiken om uw
Eclipse CD5425E unit te identificeren
in geval van diefstal.
● Let op! ●
Als na 5 pogingen de juiste Key CD
niet ingevoerd is, laat het display
[CALL] zien; de unit moet dan terug
naar Eclipse om te worden gereset.
Neem in dat geval contact op met uw
Eclipse-dealer voor assistentie.
De Key CD wordt makkelijk vergeten.
Maak daarom een notitie van de
albumnaam (Zie pagina 380).
Het aan-/uitzetten van de
beveiligingsindicator
1Houd, terwijl de unit in standby
staat, de [FUNC] knop ingedrukt,
druk dan op [2], en houd beide
knoppen meer dan twee
seconden ingedrukt.
2[IND. FLASH] of [IND.-----]
verschijnt op het display.
Uitlezen van het Electronic
Serial Number (elektronisch
serienummer)
1Controleer of de unit standby
staat.
2Houd de [FUNC] knop ingedrukt,
druk dan op [4], en houd beide
knoppen meer dan een seconde
vast.

Frontpaneel verwijderen
359
Frontpaneel verwijderen
Het frontpaneel van de unit kan verwijderd
worden.
Als u het frontpaneel meeneemt als u de auto
verlaat, voorkomt u diefstal van de unit.
Het frontpaneel verwijderen
Het rechter gedeelte van het
frontpaneel komt los.
Houd het frontpaneel vast en trek het
naar u toe.
Het frontpaneel bevestigen
Het linker gedeelte van het
frontpaneel dient vast te haken aan
de unit.
Druk het rechter gedeelte van het
frontpaneel in de unit tot het vastklikt.
Frontpaneel verwijderen
1Schaken de voeding (power) uit.
2Druk op de [Release] knop.
3Verwijder het frontpaneel.
1Schuif het linker gedeelte van het
frontpaneel in de unit.
2Zet het frontpaneel op zijn plaats.
3Druk op de [PWR] knop om de
voeding aan te zetten.
LET OP!
• Als u het verwijderbare frontpaneel laat
vallen, kan het beschadigd raken en
storingen vertonen.
• Verwijder het frontpaneel niet onder het
rijden omdat dat ongelukken kan
veroorzaken.
• Bescherm het frontpaneel tegen vocht,
stof en water.
• Laat het frontpaneel niet op plaatsen
liggen die heet kunnen worden, zoals
het dashboard en dergelijke.
VIII
IX

Bediening van de AUDIO CONTROL
361
Voorbeeldinstellingen:
Het volume van de originele FM modus (standaardwaarde: 40) wordt als referentie genomen om de
verschillende volumeniveaus van de audiomodussen op te slaan.
*:De volumeniveaus kunnen op een waarde tussen 80 en 0 worden ingesteld. Ook als er wordt
geprobeerd boven de maximum- of onder de minimumwaarde te gaan, verandert het niveau
niet meer. Voor de CD-wisselaar past SVC het volumeniveau aan zoals het voor de CD-speler
is ingesteld.
Het volumeverschil kan worden ingesteld van -10 tot +20.
ATTENTIE!
Als de accupolen van de accu los zijn geweest vanwege onderhoud aan de auto, worden de
SVC instellingen weer op hun standaardwaardes teruggezet. In dat geval dient u de instellingen
opnieuw te doen.
NON-F (NON-FADER) Past het non-fader niveau aan (voor
aangesloten subwoofer, enz.) Verhoogt het niveau. Verlaagt het niveau.
SVC (Source Volume
Control)
U kunt volumeniveaus voor elke
audiomodus instellen. Als de SVC is
ingesteld, kan het volumeniveau
veranderen zoals in de
voorbeeldinstellingen in de tabel
hieronder getoond.
SVC niveau
verhogen.
SVC niveau
verlagen.
LOUD
Loudness control kan worden aangezet
om de lage en hoge frequenties bij zacht
geluid te versterken.
Loudness compenseert de schijnbaar
zwakke lage en hoge frequenties bij laag
volumeniveau door het niveau van de
lage en hoge tonen te verhogen.
Loudness ON/OFF (aan/uit).
Audiomodus FM AM (MW)
/LW
CD
Standaardwaarde
(Volumeniveau)
Referentie
(40)
0
(40)
0
(40)
SVC instelling
(Volumeniveau)
Referentie
(40)
SVC
ingestelde
waarde
+15 (55)
SVC
ingestelde
waarde
-10 (30)
Indien het volumeniveau in FM modus van 40 naar 45 is
verhoogd 45 55 ➔ 60 30 ➔ 35
Indien het volumeniveau in CD modus van 35 naar 60 is
verhoogd 45 ➔ 70 60 ➔ 80* 60
Indien het volumeniveau in AM (MW) /LW modus van 80 naar
20 is verlaagd 70 ➔ 5 20 60 ➔ 0*
Modus Function [AUDIO CONTROL]-knop
Naar rechts draaien Naar links draaien
X

362
Verscheidene instellingen
Met behulp van de EQ (equalizer) kunt u de
frequentie aan het muziekgenre of de
muziekinstrumenten waar u naar luistert
aanpassen.
Deze unit heeft drie equalizermodussen.
Bovendien kunt u de ingestelde waardes van
de audiocontrolmodus als CUSTOM-modus
opslaan.
Telkens als u op de knop drukt,
verschijnt het volgende in deze
volgorde:
DEFEAT (equalizer uit)
POWER (lage frequenties versterkt)
SHARP (hoge frequenties versterkt)
VOCAL (middenfrequenties
versterkt)
CUSTOM (equalizer met ingestelde
waardes)
DEFEAT (equalizer uit) www
De ingestelde equalizerwaardes van de
audiocontrolmodus kunnen worden
opgeslagen.
De opgeslagen waardes kunnen worden
opgeroepen door de equalizermodus in
CUSTOM te zetten.
De ingestelde equalizerwaardes zijn
opgeslagen als CUSTOM-modus.
Instellingen wijzigen met de
equalizermodus
1Druk kort op de [SOUND]-knop.
➔ ➔ ➔ ➔ ➔ www
Equalizer met opgeslagen
waardes
1Druk langer dan een seconde op
de [AUDIO CONTROL]-knop.

Bediening van de klankaanpassingsmodus
363
Bediening van de klankaanpassingsmodus
De unit is uitgerust met verscheidene functies om de akoestische kenmerken van de auto te
compenseren.
U kunt in de geluidsaanpassingsmodus de volgende aanpassingen uitvoeren.
• Crossover (FRONT/REAR/NON-FADER)
• In de non-fader-fase schakelen.
Crossover
Het frequentiebereik van audio media, zoals CD's, is tamelijk breed, nl. 20 Hz tot 20 kHz, en het is
moeilijk voor een enkele speaker om alle frequenties zuiver weer te geven.
Dit is de reden waarom er meerdere speakers in één box kunnen worden gebruikt, met
verschillende frequentiebereiken (zoals hogetonen, middentonen en lagetonen) om er een breed
frequentiebereik mee te kunnen afspelen.
De "Crossover" functie dient voor de toewijzing van frequentiebereiken aan elke speaker in
overeenstemming met de opbouw van de boxen om zodoende de beste prestaties en een zo stabiel
mogelijke frequentiekarakteristiek van elke speaker te bereiken.
De crossover functie omvat ook een hoogdoorlaatfilter (HPF) voor de weergave van hoge tonen en
een laagdoorlaatfilter (LPF) voor de weergave van lage tonen. Bovendien kunnen HPF en LPF
worden gecombineerd voor de weergave van middentonen.
Als bijvoorbeeld de frequenties onder de afsnijfrequentie toenemend sterker worden getemperd in
plaats van helemaal niet afgespeeld. De functie waarmee de 'helling' wordt aangepast is bedoeld
als aanpassingsmogelijkheid van deze dempingskarakteristieken.
De hellingskarakteristiek van een filter zijn van dien aard dat ze bij hogere hellingwaardes
(bijvoorbeeld 12 dB/oct) een steilere helling vertonen en daardoor de mate waarin het geluid zich
met dat van andere banden vermengt, vermindert en daardoor alleen het bedoelde frequentieband
wordt weergegeven. Het veroorzaakt echter ook een verminderde samensmelting van het geluid uit
de verschillende speakers en zodoende meer vervorming.
Over de klankaanpassingsmodus
fc1(LPF) fc2(HPF) fc3(LPF) fc4(HPF) 20 kHz
-3 dB
Basbereik Middenbereik Hogetonenbereik
20 Hz
fc*: Afsnijfrequentie
X
XI

364
Verscheidene instellingen
• De crossoverfunctie is een filter dat bepaalde frequentiebereiken toewijst.
• Een hoogdoorlaatfilter (HPF) is een filter dat de frequenties blokkeert die lager zijn dan de
bepaalde frequentie (basbereik) en dat hogere frequenties (hogetonenbereik) doorlaat.
• Een laagdoorlaatfilter (HPF) is een filter dat de frequenties blokkeert die hoger zijn dan de
bepaalde frequentie (hogetonenbereik) en dat lager frequenties (basbereik) doorlaat.
• De 'helling' is het signaalniveau waarop de frequenties die een octaaf hoger en een octaaf lager
liggen worden getemperd.
Hoe hoger de hellingwaarde, des te groter de helling. Als er bovendien nog "PASS" wordt
geselecteerd, wordt de helling geannuleerd (de filter laat geen geluid meer door) en de crossover-
functie buiten werking gezet.
Als dit deck in de normale modus staat, komt het overeen met een normaal geluidssysteem met
speakers voorin, achterin en een subwoofer. In dat geval kan de crossover worden gebruikt om het
hoogdoorlaatfilter op de speakers achter- en voorin toe te passen, en het laagdoorlaatfilter op de
subwoofer, zodat het geluid uit alle speakers goed samensmelt. Behalve aan het 4-speakersysteem
kan de unit in pro-modus ook worden aangepast aan een speakersysteem waarvan de speakers
voorin, de speakers achterin en de non-fader uitgang op Hi, Mid of Low kunnen worden ingesteld en
zo de speakers al naar hun frequentiebereik (hoge tonen: tweeter, middentonen: mid, lage tonen:
bass) tot een 3-wegsysteem kunnen worden samengesteld. In dit geval wordt de crossoverfunctie
gebruikt om de weergavebereiken aan te passen door toepassing van de HPF op de tweeters, de
HPF en de LPF op de middentonen-speakers en de LPF op de lagetonen-speakers om zodoende
een harmonisch geluid te creëren.
Non-fader fase
Het geluid uit de woofers bevat frequenties die ook door de speakers voor- en achterin worden
weergegeven, wat er onder bepaalde omstandigheden in het auto-interieur toe leidt dat deze
frequenties zich wederzijds opheffen. Dit fenomeen kan worden geannuleerd door faseverschuiving
van de woofer.
De fase van de woofer kan op normale timing worden ingesteld (waarbij de uitgangstiming voor alle
speakers en de woofer gelijk is) of op reverse timing (waarbij de uitgangstiming van de speakers en
de woofer verschilt), afhankelijk van het auto-interieur.
Basbereik
(woofers) Middenbereik (speakers voor- en achterin)
20 Hz
fc(LPF/HPF)
20 kHz
80 Hz, 100 Hz

Bediening van de klankaanpassingsmodus
365
De geluidsaanpassingsmodus
verschijnt.
Als u aan de knop draait, veranderen
de instelpunten in deze volgorde:
X-OVER FR ➔ X-OVER NF
➔ NON-FADER ➔ X-OVER FR www
Crossover-aanpassing
(X-Over F/R)
Het HPF (hoogdoorlaatfilter) van de front- en
rear- (achter) speakers kan worden aan- en
uitgezet.
De modus wisselt nu naar de
crossover-f/r-instelmodus.
ATTENTIE!
De ingestelde waarde van het HPF is 100
Hz, 18 db/oct.
De gekozen instelling is in werking
gesteld.
U kunt nu nog andere aanpassingen
in de geluidsaanpassingsmodus
uitvoeren.
Instellingen wijzigen met de
geluidsaanpassingsmodus
1Druk langer dan een seconde op
de [SOUND]-knop.
2Draai aan de [SEL]-knop en kies
een instelling.
1Draai aan de [SEL]-knop om te
kiezen. X-Over F/R.
2Druk op de [SEL] knop.
3Draai aan de [SEL]-knop en kies
ON of OFF.
4Druk op de [SEL] knop.
5Druk op de [RTN] knop.
6Druk op de [SOUND] of [RTN]
knop om de
klankaanpassingsmodus te
verlaten.
XI

366
Verscheidene instellingen
Crossover-aanpassing
(X-Over NF)
Het LPF (laagdoorlaatfilter) van de subwoofer
kan worden aan- en uitgezet.
De modus wisselt nu naar de
crossover-nf-instelmodus.
ATTENTIE!
De ingestelde waarde van het LPF is 80
Hz, 18 db/oct.
De gekozen instelling is in werking
gesteld.
U kunt nu nog andere aanpassingen
in de geluidsaanpassingsmodus
voornemen.
Non-fader fasekeuze
(Non-F fase)
Het samensmelten van het geluid van de
speakers voor- en achterin en de woofer kan
worden verbeterd door de fase in te stellen.
Stel een fase in die de speakers laat
harmoniëren.
De modus wisselt nu naar de
faseselectie-modus.
NORMAL:
normale fase
REVERSE:
omgekeerde fase
De gekozen instelling is in werking
gesteld.
U kunt nu nog andere aanpassingen
in de geluidsaanpassingsmodus
uitvoeren.
1Draai aan de [SEL]-knop om te
nkiezen. X-Over NF.
2Druk op de [SEL] knop.
3Draai aan de [SEL]-knop en kies
ON of OFF.
4Druk op de [SEL] knop.
5Druk op de [RTN] knop.
6Druk op de [SOUND] of [RTN]
knop om de
klankaanpassingsmodus te
verlaten.
1Draai aan de [SEL]-knop en kies
Non-F Phase.
2Druk op de [SEL] knop.
3Draai aan de [SEL]-knop en kies
NORMAL of REVERSE.
4Druk op de [SEL] knop.
5Druk op de [RTN] knop.
6Druk op de [SOUND] of [RTN]
knop om de
klankaanpassingsmodus te
verlaten.

Het displaycontrast instellen
367
Het displaycontrast instellen
U kunt het displaycontrast instellen om aan de
kijkhoek aan te passen.
De contrastaanpassingsmodus
verschijnt.
Het contrast kan op een scala van -5
tot +5 worden ingesteld.
Naar rechts draaien:
Verhoogt het niveau.
Naar links draaien:
Verlaagt het niveau.
De gekozen instelling is in werking
gesteld.
1Druk op de [DISP]-knop.
2Draai aan de [SEL]-knop en pas
het CONTRAST aan.
3Druk op de [SEL] knop.
4Druk op de [DISP] of [RTN] knop
om de display-
aanpassingsmodus te verlaten.
XI
XII

368
Verscheidene instellingen
Instellingen wijzigen met de Function modus
Verscheidene instellingen kunnen worden
aangepast.
De Function modus is geactiveerd.
ATTENTIE!
Als u nogmaals op de [FUNC] knop drukt
als de unit in de function
aanpassingsmodus staat, wordt deze
modus gestopt en de normale
muziekmodus verschijnt weer.
Als u aan de knop draait, verandert
het instelpunt in deze volgorde:
Guide Tone ➔ ➔ Clock ON/OFF
Clock Adjust ➔ AUX Sensitivity*1
➔ Guide Tone www
*1: (Zie pagina 373) voor details over
AUX gevoeligheid.
Af fabriek is de receiver geprogrammeerd met
systeempiepjes als er op de knoppen wordt
gedrukt. Dit kenmerk kan worden afgezet op de
volgende manier:
De systeemgeluiden worden aan-/
uitgezet.
De gekozen instelling is in werking
gesteld.
U kunt nu nog andere aanpassingen
in de functie-aanpassingsmodus
doen.
1Druk kort op de [FUNC] knop.
2Draai aan de [SEL] knop om
keuzepunten weer te geven.
De systeemgeluiden afzetten
(bij bediening met de
knoppen)
1Draai aan de [SEL]-knop en kies
Guide Tone.
2Druk op de [SEL] knop.
3Draai aan de [SEL] knop en kies
ON of OFF.
4Druk op de [SEL] knop.
5Druk op de [RTN] knop.
6Druk op de [FUNC] of de [RTN]
knop om de functiemodus te
verlaten.

Instellingen wijzigen met de Function modus
369
Schakelt de klok in de display ON (aan)/
OFF(uit).
De displayklok ON/OFF-modus is
geactiveerd.
De gekozen instelling is in werking
gesteld.
U kunt nu nog andere aanpassingen
in de functie-aanpassingsmodus
doen.
Deze receiver gebruikt de 12-uurs weergave.
De klokaanpassingsmodus is
geactiveerd.
Bij iedere druk op de knop schakelt
de modus tussen uren en minuten
heen en weer.
Naar rechts draaien:
Vooruit in de tijd.
Naar links draaien:
Achteruit in de tijd.
U kunt nu nog andere aanpassingen
in de functie-aanpassingsmodus
doen.
Klok display aan/uit
1Draai aan de [SEL]-knop en kies
Clock.
2Druk op de [SEL] knop.
3Draai aan de [SEL] knop en kies
ON of OFF.
4Druk op de [SEL] knop.
5Druk op de [RTN] knop.
6Druk op de [FUNC] of de [RTN]
knop om de functiemodus te
verlaten.
Tijd instellen
1Draai aan de [SEL]-knop en kies
Clock Adjust.
2Druk op de [SEL] knop.
3Druk op de [SEL] knop om het
item dat u wilt aanpassen te
selecteren.
4Draai aan de [SEL] knop.
5Druk op de [RTN] knop.
6Druk op de [FUNC] of de [RTN]
knop om de functiemodus te
verlaten.
XIII

370
Over de optionele unit
Bediening van de receiver als er een optionele
CD-wisselaar is aangesloten
Dit hoofdstuk gaat over de bediening van een
optionele CD-wisselaar die op de receiver kan
worden aangesloten.
Druk minder dan een seconde op de [DISC]-
knop om naar een andere modus te wisselen.
Bij iedere druk op de knop wisselt de
modus van CD-speler ➔ CD-
wisselaar 1 ➔ CD-wisselaar 2 ➔ CD-
speler.
Als één van de spelers niet geladen
is, wordt hij overgeslagen.
Naar rechts draaien:
Volgende track.
Naar links draaien:
Terug naar het begin van de track (file)
die speelt.
(Herhaal het draaien voor eerdere
bestanden).
Snel afspelen of terugspoelen van de song die
speelt.
[ ] knop: Fast forward.
[ ] knop: Rewind.
Met een korte druk op de knop speelt
de wisselaar de volgende track 10
seconden lang, gaat naar de
daaropvolgende track van dezelfde
CD, speelt die 10 seconden
enzovoorts, totdat er opnieuw op de
knop wordt gedrukt.
Houd de knop langer dan een
seconde ingedrukt om de eerste 10
seconden van de eerste track van
alle CD's te horen.
ATTENTIE!
• Druk opnieuw op de knop om het
scannen te stoppen en een bepaald
bestand af te spelen
• Als de gehele CD volledig gescand
is, begint het afspelen vanaf het punt
waar het scannen begon.
Naar een CD luisteren
1Druk minder dan een seconde op
de [DISC]-knop.
Vooruit naar de volgende
track (bestand) of terug naar
het begin van de track
(bestand) die speelt
1Draai de [SEL] knop naar links of
rechts.
Fast Forward/Rewind
1Houd knop [ ] of [ ] ingedrukt.
Het begin van de bestanden
afspelen (SCAN)
1Druk op de [4 SCAN] knop.

Bediening van de receiver als er een optionele CD-wisselaar is aangesloten
371
Door een korte druk op de knop
herhaalt de wisselaar de lopende
track, totdat er opnieuw op de knop
wordt gedrukt.
Houd de knop langer dan een
seconde ingedrukt om alle tracks op
de draaiende CD af te spelen.
Door een korte druk op de knop
speelt de wisselaar de tracks van de
lopende CD in willekeurige volgorde
af, totdat er opnieuw op de knop
wordt gedrukt.
Houd de knop langer dan een
seconde ingedrukt om alle tracks van
alle CD's in de geselecteerde
wisselaar in willekeurige volgorde af
te spelen.
ATTENTIE!
• Druk, tijdens willekeurige weergave
op de [5 RPT] knop, om de track die
speelt opnieuw te horen. Druk om de
herhaalfunctie af te breken (en naar
willekeurige weergave terug te
gaan), opnieuw op de [5 RPT] knop.
Tijdens het afspelen van een
bepaalde track: Deze track wordt
voortdurend herhaald.
Tijdens het zoeken: De volgende
track wordt voortdurend herhaald.
• Het kan voorkomen dat een
bepaalde (geselecteerde) track twee
keer of vaker achter elkaar wordt
afgespeeld; dit is normaal en geen
storing.
• Als een van de volgende functies -
"Het begin van de tracks afspelen",
"Dezelfde track herhalen" en "De
tracks in toevallige volgorde
afspelen" - is geselecteerd, wordt er
een melding weergegeven om de
lopende functie te verifiëren, zoals
[SCAN], [ALL SCAN], [REPEAT],
[ALL REPEAT], [RANDOM] of [ALL
RANDOM].
• De willekeurige
afspeelvolgordefunctie wordt niet
afgezet als er een magazijn wordt
uitgeworpen.
Knop [1 ]:
Selecteer de vorige disk.
Knop [2 ]:
Selecteer de volgende disk.
Dezelfde track herhalen
(REPEAT)
1Druk op de [5 RPT] knop.
Tracks in willekeurige
volgorde afspelen
(RANDOM)
1Druk op de [6 RAND] knop.
Naar de volgende of vorige
CD springen
1Druk op knop [1 ] of [2 ]
XIV
Produktspezifikationen
Marke: | Eclipse |
Kategorie: | Navigation |
Modell: | CD5425E |
Brauchst du Hilfe?
Wenn Sie Hilfe mit Eclipse CD5425E benötigen, stellen Sie unten eine Frage und andere Benutzer werden Ihnen antworten
Bedienungsanleitung Navigation Eclipse

25 August 2024

23 August 2024

23 August 2024

23 August 2024

23 August 2024

22 August 2024
Bedienungsanleitung Navigation
- Navigation Medion
- Navigation Sony
- Navigation Panasonic
- Navigation MarQuant
- Navigation Grundig
- Navigation Kenwood
- Navigation Pioneer
- Navigation JVC
- Navigation Skoda
- Navigation Garmin
- Navigation Mio
- Navigation A-rival
- Navigation Simrad
- Navigation Globaltronics
- Navigation Targa
- Navigation Audi
- Navigation Binatone
- Navigation Hagenuk
- Navigation Ford
- Navigation Volkswagen
- Navigation Volvo
- Navigation Toyota
- Navigation Kia
- Navigation Opel
- Navigation Airis
- Navigation Packard Bell
- Navigation XZENT
- Navigation Clarion
- Navigation Bluetech
- Navigation Fujitsu-Siemens
- Navigation Audiovox
- Navigation Becker
- Navigation CarTrek
- Navigation Falk
- Navigation InVion
- Navigation Magellan
- Navigation NAVIGON
- Navigation Navitel
- Navigation Navman
- Navigation TomTom
- Navigation ViaMichelin
- Navigation WayteQ
- Navigation Zenec
- Navigation Tacx
- Navigation Quintezz
- Navigation Macrom
- Navigation Suzuki
- Navigation Seat
- Navigation Mr Handsfree
- Navigation Autovision
- Navigation Prestigio
- Navigation Mazda
- Navigation Fiat
- Navigation Danew
- Navigation Eagle
- Navigation GoRider
- Navigation Holux
- Navigation Igo
- Navigation Igo 8
- Navigation Keomo
- Navigation LX NAV
- Navigation Mappy
- Navigation Nav N Go
- Navigation Navteq
- Navigation PENTAGRAM
- Navigation Raymarine
- Navigation Raystar
- Navigation Roadnavigator
- Navigation RoHS
- Navigation Route 66
- Navigation Seecode
- Navigation Snooper
- Navigation Sygic
- Navigation TakeMS
- Navigation VDO Dayton
- Navigation VW
- Navigation Apelco
- Navigation Bullit
Neueste Bedienungsanleitung für -Kategorien-

5 Oktober 2024

5 Oktober 2024

5 Oktober 2024

5 Oktober 2024

5 Oktober 2024

5 Oktober 2024

5 Oktober 2024

5 Oktober 2024

5 Oktober 2024

23 September 2024